Hoe kan je dak- en thuisloosheid bij jongeren herkennen?

Dak- en thuisloosheid bij jongeren ziet er vaak anders uit dan bij volwassenen. Het gaat zelden om slapen op straat, maar is eerder onzichtbaar: jongeren die nacht na nacht op zoek zijn naar een plek om te blijven, van sofa naar sofa trekken, tijdelijk bij vrienden logeren of in onveilige situaties belanden om een dak boven hun hoofd te houden. Omdat ze creatief zijn in het verbergen van hun situatie, blijft hun nood vaak onder de radar. Het herkennen van de signalen is daarom essentieel om tijdig te kunnen ingrijpen. Maar waar let je dan op?

"Ik leef uit een koffer. Elke dag is improviseren."

Jongere tijdens interview

Dak- of thuisloosheid is niet altijd zichtbaar. Het klassieke beeld van een jongere die op straat slaapt, met vuile kleren en een kapotte rugzak, klopt zelden met de realiteit. In veel gevallen proberen jongeren juist de indruk te wekken dat “alles oké” is. Ze komen verzorgd over, zijn sociaal vaardig en maken zelfs grapjes over hun situatie. Uit schaamte, uit angst voor stigmatisering of gewoon omdat ze niet weten waar ze terechtkunnen, verzwijgen ze hun woonproblemen.

Herkennen van dak- en thuisloosheid vraagt dus dat we voorbij de oppervlakte kijken. Het betekent signalen zien, aanvoelen en durven benoemen. Want jongeren die overleven zonder stabiele woonplek, dragen hun verhaal zelden kenbaar uit— maar het is wel aanwezig in hun gedrag, lichaam, context en netwerk.

Hieronder zetten we vier lagen van herkenning op een rij. Elk niveau helpt om preciezer te kijken én te luisteren. Niet om jongeren in hokjes te duwen, wel om hun situatie beter te begrijpen en gericht te kunnen ondersteunen.

1. Gedrag en emotionele signalen

Jongeren zonder veilige thuisbasis leven vaak in een constante overlevingsmodus. Die voortdurende alertheid, onrust en stress laten sporen na in hoe ze zich gedragen en voelen.

Veel van hun gedrag kan op het eerste gezicht overkomen als "lastig", "onverschillig" of "ongeïnteresseerd". Maar vaak gaat het net om een noodkreet. Gedrag is zelden zomaar. Het is een signaal — een uiting van wat zich onder de oppervlakte afspeelt.

  • Concentratieproblemen of onrust: Ze hebben moeite met stilzitten, raken snel afgeleid of zijn vaak geïrriteerd. Hun hoofd zit vol zorgen die weinig ruimte laten voor school of werk.

  • Moeite met dagstructuur: Ze komen vaak te laat, vergeten afspraken of vallen overdag in slaap. Zonder veilige slaapplaats, toegang tot internet of een laptop, ... is het moeilijk om een ritme aan te houden.

  • Emotionele schommelingen: Hun stemming kan sterk wisselen: het ene moment zijn ze open en enthousiast, het volgende moment teruggetrokken of agressief. Die schommelingen zijn vaak het gevolg van onveiligheid en stress.

  • Onverklaarbare stress of achterdocht: Ze kunnen fel reageren als iemand hun spullen aanraakt of stellen veel vragen over eten, rustplekken of privacy. Dit gedrag wijst op eerdere ervaringen van controleverlies. Zeker jongeren die al in de openbare ruimte hebben moeten overnachten of in een nachtopvang maken ingrijpende zaken mee.

Wie alleen op gedrag afgaat, mist het verhaal erachter. Daarom is het belangrijk om te luisteren voorbij het zichtbare.

2. Uiterlijke en lichamelijke signalen

Hoewel jongeren veel moeite doen om verzorgd voor de dag te komen, laat een leven zonder vaste verblijfplaats uiteindelijk sporen na. Niet zozeer in vieze kleren of slordigheid — integendeel, veel jongeren doen hun best om juist niet op te vallen — maar eerder in kleine, subtiele signalen.

Jongeren sleuren vaak al hun bezittingen mee in rugzakken, plastic zakken of koffers. Ze kunnen nergens iets achterlaten. De onzekerheid van hun situatie vertaalt zich ook fysiek: vermoeide ogen, wallen, bleke huid. Ze missen vaak rust, slaap, gezonde voeding en medische zorg.

Soms zie je letterlijk aan een jongere dat hij of zij geen plek heeft om tot rust te komen.

Foto Marc Wallican - W13

3. Woonsituatie

Een van de meest directe maar tegelijk moeilijkst bespreekbare signalen, is de woonsituatie zelf. Jongeren die geen vaste verblijfplaats hebben, zullen dit zelden spontaan vertellen. Wat ze niet zeggen, of juist tussen de regels door vermelden, kan veel onthullen.

Let op:

  • Vage of ontwijkende antwoorden op vragen zoals “waar woon je?” of “met wie woon je?”.

  • Vaak verhuizen of tijdelijk logeren: “Ik slaap nu bij een vriend, maar dat is maar voor even.”

  • Geen postadres, papieren of identiteitskaart kwijt.

  • Zichzelf ‘tussenin’ noemen: net uit de jeugdhulp, gestopt met school, wachten op een kamer, geen duidelijke toekomst.

Als je het gevoel hebt dat iets niet klopt, durf dan door te vragen — zonder te forceren. Eenvoudige, open vragen kunnen ruimte openen:

  • “En waar slaap je meestal?”

  • “Voel je je daar veilig?”

  • “Heb je een plek waar je echt tot rust kan komen?”

Vaak is één oprechte vraag voldoende om de deur op een kier te zetten.

4. Netwerk

Dak- en thuisloosheid staat zelden op zichzelf. Het is vaak het gevolg van complexe situaties zoals conflict, uitsluiting of jeugdhulptrajecten. Jongeren zonder thuis hebben vaak ook een zwak of afwezig sociaal netwerk. Ze missen mensen die er voor hen zijn, die hen steunen, hen bijsturen of opvangen.

Let op:

  • Geen of verstoorde relatie met ouders, voogd of familie

  • Geen vaste vertrouwensfiguren of steunfiguren in hun leven

  • Net uit een instelling of voorziening (jeugdhulp, psychiatrie, detentie), zonder duidelijke vervolgplek

  • Geen toegang tot inkomen, opleiding of zorg

  • Jongeren die afhankelijk zijn van tijdelijke contacten: couchsurfing, toevallige kennissen of zelfs risicovolle contacten

Zonder netwerk vallen jongeren uit de boot. Ze worden kwetsbaar voor uitbuiting, misbruik. Vroegtijdige herkenning is cruciaal om erger te voorkomen.

Waarom is herkennen belangrijk?

Dak- en thuisloosheid bij jongeren herkennen vraagt aandacht, tijd én vertrouwen. Het gaat niet over controleren of labelen, maar over opmerken en nabij zijn.

Het begint bij kijken zonder oordeel, luisteren zonder invullen en durven geloven dat achter gedrag altijd een verhaal zit. Soms is één veilige vraag genoeg om het verschil te maken. Soms is het herkennen van hun situatie de eerste stap naar hulp, herstel en hoop.

Een jongere die zich gezien voelt, is niet meer onzichtbaar. En dat is misschien wel de belangrijkste stap naar verandering.

Lees meer over dak- en thuisloosheid bij jongeren

Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief